We kennen ze allemaal. Die kleine dingetjes waaraan je je ergert, en waarvan je denkt: ‘wel dat is nu eens typisch zwemmen ze’. We zetten hieronder enkelen op een rij. Iedereen kent wel een zwemmer/zwemster die:
1.Altijd toekijkt terwijl de anderen de banen in het water leggen.

2. Zich zo traag mogelijk klaar maakt voor de opwarming, zodat hij minder hoeft te zwemmen.

3. Zich voorttrekt aan de baan als de trainer even niet kijkt.

4. In de oproepkamer van een wedstrijd zijn levensverhaal vertelt.

5. Zich inhoudt in een zware set om de laatste 50 meter nog eens iedereen naar huis te zwemmen.

6. In het midden van een zware set plots dringend naar het toilet moet.

7. Onder water met zijn handen staat te wapperen om zijn pipi weg te waaien.


8. De morele zwemregel “bij het kruisen van 2 vlinderslagzwemmers trek je je armen in” aan zijn laars lapt.

9. Al 5 meter voor de muur armen begint te zwemmen in een been-set.

10. Denkt dat hij in het midden van de baan mag zwemmen

11. Het nodig vindt om aan uw voeten te kittelen als hij/zij achter je zwemt.

12. Die drie vlinder kicks doet bij een keerpunt in schoolslag.

13. Plots toch kan versnellen als je hem probeert voorbij te steken.

14. Die hardnekkig in je zog blijft zwemmen tot je er tureluurs van wordt.

15. Die 15 seconden rust ziet als 2 seconden rust.

16. Die op wedstrijd bij een toiletbezoek het laatste beetje hebben meegebracht in hun wedstrijdpak.

17. Als enige van de club wél degelijk stretcht en niet doet alsof (zoals alle anderen).

